Bond van Zangverenigingen van de Gereformeerde Gemeenten

Geschiedenis

Oprichting
In zijn openingswoord hij de oprichting van de bond, op 20 december 1947, benadrukt ds. L van den Berg, destijds predikant van de gereformeerde gemeente te Utrecht en de eerste bondsvoorzitter, dat het doel van de bond is de onderlinge band tussen de verenigingen te verstevigen en tot stand brengen.
Ook wil hij het gereformeerde karakter van de zangverenigingen behouden door verantwoorde muziek uit te geven. ,,De verantwoordelijkheid van de koren blijft bij de kerkenraad berusten" aldus de predikant.
Verder wijst hij erop dat het hij het zingen gaat om de eer van God en niet om eigen eer.
Het verzoek van de synode aan wat dan heet het Landelijke Verband van Zangverenigingen der Gereformeerde Gemeenten om zichzelf op te heffen moet voor de predikant-voorzitter een bittere pil geweest zijn.
"Toch was het geen kerkelijke ongehoorzaamheid om aan dat verzoek geen gehoor te geven" zegt M. W. Peters jaren later in zijn openingswoord bij het 50-jarig bestaan van de zangbond. " De synode zag dat er leiding nodig was. Er dreigde wildgroei."
Het ging er allereerst om Gods Woord zuiver te bewaren.
Als ds. Van den Berg het verzoek van de synode namens de bij de bond aangesloten zangverenigingen dan ook afwijst, is dat onder de voorwaarde dat de bond geen revolutionaire houding aan zal nemen.

Doelstelling
Nog altijd heeft de Bond van Zangverenigingen, zoals het landelijk Verband nu heet, een vaste plaats in het kerkelijk leven van de Gereformeerde Gemeenten.
In de doelstelling van de bond heeft de afgelopen jaren wel een verschuiving plaatsgevonden.
Steeds vaker doen koren een beroep op de zangbond om advies bij Juridische en organisatorische zaken. Zo is er een modelcontract voor dirigenten en zijn er modelstatuten ontwikkeld.

Muziek
Het is de bond en de daarbij aangesloten verenigingen niet altijd voor de wind gegaan. Leeft men lange tijd bij een zangrepertoire van een bedenkelijk niveau, later wordt de blik wat breder gericht. Ook gaan in de loop, der jaren musici uit eigen kring bewerkingen voor koren schrijven die door de bond worden uitgegeven.
Koren moeten in die jaren veelal bij hun kerkenraden te biecht met hun repertoire en krijgen dan nogal eens te horen dat buitenlandse teksten taboe zijn.
Ook als het gaat om het niveau van de uitvoeringen zijn er verschillen. In de opstap naar een hoger muzikaal niveau ontdekt men bijvoorbeeld de psalmzettingen van Goudimel.
Bovendien heeft de bond een eigen muziekuitgeverij. "Gaven we in 1995 nog 23 pagina’s muziek uit, in 2005 is dat aantal bijna verdubbeld, zegt mevrouw J. van Rijswijk-Hak, tweede secretaresse van de bond. Ze is medeorganisator van de bondsdagen en beheert de muziekuitgeverij.

Bondsdagen
Vanaf 1948 vormen de bondsdagen het presentieplaatje van de zangersbond. Eerst worden deze bondsdagen in verschillende kerkgebouwen van het eigen kerkverband gehouden, later wijkt men ook uit naar andere kerken, In 1966 wordt tijdens de bondsdag in de Domkerk te Utrecht de eerste grammofoonplaat opgenomen. Het 25-jarig jubileum van de bond wordt gehouden in concertgebouw de Doelen, het 40- jarig bestaan in Ahoy Rotterdam.

In 1978 worden voor het eerst twee bondsdagen gehouden, de een voor jeugdkoren, de andere voor gemengde- en mannenkoren. Eind jaren tachtig zakt de animo voor de bondsdagen, waardoor men overgaat naar één bondsdag, en wel één keer in de vijf jaar.Daarnaast kent men één keer in de vijf jaar de wat kleinschaliger regio-avonden en een uitvoering van een groot samengesteld koor.
In 2013 is de laatste bondsdag in de Doelen gehouden. Nu, in 2015, zijn de repetities van het Groot Samengesteld Koor weer aan de gang en zijn er voorbereidingen getroffen voor een nieuwe muziekcursus.

Asaf
Vanaf 1952 geeft de zangersbond een eigen blad uit. Is het aanvankelijk een mededelingenblad, in 1960 wordt het een landelijk contactorgaan met als titel Asaf, genoemd naar een van de tempelzangers.